Atlas wordt duurzaamste onderwijsgebouw ter wereld

Het duurzaamste onderwijsgebouw ter wereld wordt volgend jaar in Eindhoven opgeleverd. Dan is, na een lange renovatie, het Atlas-gebouw van de Technische Universiteit gereed. Intelligente oplossingen zorgen ervoor dat Atlas het eerste gerenoveerde onderwijsgebouw van Nederland wordt met de hoogste BREAAM score Outstanding.

De renovatie van het Atlas-gebouw, waarbij duurzaamheid en comfort centraal staan, reflecteert de duurzame uitstraling die de TU/e voor ogen heeft in haar bedrijfsvoering, het onderwijs en het onderzoek. Een gezonde en comfortabele werkomgeving voor de gebruikers, het voorkomen van energetische verspilling en hergebruik van materialen vormen daarbij de belangrijkste uitgangspunten.

Na afronding van de renovatie in 2018 is Atlas getransformeerd tot een aantrekkelijk, duurzaam en toekomstbestendig gebouw met een optimaal klimaat om te studeren, te werken en te verblijven. Het gebouw uit 1963 wordt aangesloten op de warmte en koude installatie WKO, voorzien van een zeer isolerende glazen vliesgevel met uniek ramensysteem en maakt het gebruik van Smart Energy Saving Lighting.

Het vernieuwde Atlasgebouw krijgt ook een rol als proeftuin. Het Intelligent Lighting Institute (ILI) gaat het gebouw gebruiken als Living Lab voor onderzoek en testen met intelligente verlichting (SAD free omgeving).

Door hergebruik te combineren met state-of-the-art materialen wordt het Hoofdgebouw getransformeerd tot een uitzonderlijk energiezuinig en duurzaam universiteitsgebouw.

De TU/e heeft de ambitie in 2030 voor 50% een energie-neutrale campus te worden. Ook voor de renovatie van het hoofdgebouw is het uitgangspunt de impact op het milieu zoveel mogelijk te beperken. Dit wordt onder andere bereikt door instandhouding van bruikbare bestaande elementen van het gebouw, zoals de beton- en staalconstructie, het gebruik van duurzame materialen, de toepassing van slimme installatieprincipes met aandacht voor energieverbruik en door vooruit te kijken naar de exploitatiefase.

Slimme gevel
De nieuwe glazen vliesgevel met ramen, welke automatisch te openen zijn en individueel bedienbaar, wordt voorzien van een drievoudige zonwerende beglazing (triple glazing) met aan de binnenkant een dubbel doek bestaande uit een binnenzonwering en lichtwering. Door het gebruik van state-of-the-art materialen evenaart deze ‘eenvoudige’ vliesgevel de Rc-waardes van een dubbele huidfaçade. ’s Nachts kan de binnenzonwering worden neergelaten, zodat thermische waarde van de gevel zich zelfs kan meten met een geïsoleerde spouwmuur.
Door de toepassing van dit type vliesgevel kan zoveel mogelijk van de bestaande (gevel)constructie behouden blijven (duurzaam en kostenbesparend), terwijl ruimschoots wordt voldaan aan de eisen wat betreft energieverbruik, daglicht en uitstraling.
De twee soorten doeken (zonwerend en lichtwerend) kunnen naar wens van de gebruiker ingesteld worden. Het effect van een slim gebruik van deze regeling is een visueel comfortabele ruimte waarbij het gebruik van kunstlicht een groot gedeelte van de dag kan worden geminimaliseerd.

In het gebouw wordt een zeer groot aantal ontwerpmaatregelen met het oog op duurzaamheid doorgevoerd. Dit betreft onder andere:
– Hergebruik van materialen
– Ontwerp gericht op flexibiliteit
– Veel daglichttoetreding en goed uitzicht
– Door het toepassen van verdiepingshoog glas is er sprake van een grote mate van daglichttoetreding. Circa 85% van de ruimten met een onderwijsfunctie heeft een daglichtfactor van ten minste 2%; bij ruimten met een kantoorfunctie betreft dit circa 95%. Ook meer dan 50% van de ruimten met een bijeenkomstfunctie heeft een daglichtfactor groter dan 2%.
– Energiezuinige installaties
– Prestatieborging inregelen van installaties
– Submeters energie en water toegepast
– Energiezuinige liften
– Maatregelen met het oog op waterbesparing (o.a. 6 liter reservoirs toiletten)
– De combinatie van de WKO en de PV cellen resulteert in een verlaging van de CO2-emissie van 64,7%
– Voor verschillende diersoorten zijn speciale voorzieningen getroffen, die een plaats krijgen aan en rond het Hoofdgebouw: een bijenhotel en nestkastjes voor vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen.

Bron: Kenniscentrum Facilitair Management & Gebouwbeheer