EUR: “Nieuwe dynamiek binnen de rechtenfaculteit”

Noem het een revival. Een herziening. Of een upgrading. Feit is in ieder geval dat het Sanders Building, op de campus van de Erasmus Universiteit van Rotterdam, een ware nieuwe ‘look and feel’ heeft gekregen. De grootschalige renovatie en uitbreiding zijn recentelijk afgerond. In maart van dit jaar is het gebouw gedeeltelijk in gebruik genomen; na de zomer van 2017 zal het officieel worden heropend. De eerste belangrijke constatering? Sanders Building is getransformeerd van een traditioneel kantoor/faculteitsgebouw naar een hypermodern studie- en werklandschap.

“Vanaf het eerste moment van denken over een nieuw Sanders Building wisten we dat het gebouw een internationaal karakter moest krijgen”, vertelt Frank de Bruijn, projectleider op de Erasmus Universiteit. Het Sanders building, waarin onder andere de Erasmus School of Law (de rechtenfaculteit) is gehuisvest, was absoluut toe aan een opfrisbeurt. “Het gebouw was echt gedateerd. Het was gebouwd vanuit de tijdgeest van de jaren 90. Lange gangen, weinig glas en aan weerszijden van die gangen de kantoortjes. Prima voor die tijd, maar nu – in 2017 – werken we op een andere manier. En daar past dus ook iets anders bij. De wens was ook om het aantal vierkante meters voor de kantoren te laten voldoen aan de nieuwe huisvestingsnorm. Uiteraard gedreven vanuit Het Nieuwe Werken. Ook waren de gebouwinstallaties aan vernieuwing toe.”

“We hebben veel gepraat met en geluisterd naar de gebruikers. Van werknemers en kantoorpersoneel tot uiteraard de studenten en docenten”, vertelt De Bruijn. “Openheid was de wens. En, werd het devies. De vraag was alleen hoe we dat in het oude gebouw konden openbreken. Het oude gebouw leende zich eigenlijk niet voor dergelijke operaties. Belangrijk was dat we het daglicht tot diep in het gebouw konden laten doordringen. Gebruikers willen namelijk iets van buiten zien. Eigenlijk willen ze de buitenwereld voelen als ze binnen aan het werk zijn. Zo zouden eigenlijk heel simpel raampjes opengezet moeten kunnen worden. Maar ja, dat botst natuurlijk met klimaateisen. Mensen moeten het gevoel hebben dat ze invloed hebben op hun eigen werkklimaat.”

Twee trajecten
De renovatie bestond uit twee trajecten: de hoog- en de laagbouw. De nieuwbouw heeft een transparante kraag die om het laagbouwdeel is aangebouwd. Hierdoor kon de hal worden uitgebreid en ontstonden er extra studieplekken. Het tweelaagse laagbouwdeel biedt ruimte aan diverse onderwijsruimten, van pgo-zalen en een mootcourt tot grote collegezalen en een royale hal. De Bruijn: “De architect transformeerde dit van oorsprong traditionele ontworpen bouwdeel tot een modern studielandschap met vides en ruimte voor ontmoeting. Het zeslaagse hoogbouwdeel – waar ook het University Support Centre is gehuisvest (USC) – transformeerde van een saai cellenkantoor tot een mix van open ruimten, met transparante scheidingswanden, dubbele raampartijen, gevelboxen, daklichten en spannende vides. Het eindresultaat mag er zijn: het gebouw heeft een hele andere dynamiek gekregen.” De interessante logistieke uitdaging zat hem in het binnenstedelijk karakter. “Tijdens de bouw ging het ‘gewone leven’ wel door”, stelt De Bruijn. “Zo moesten we op bepaalde momenten de loopstromen van de studenten omleiden. Vooral de verbinding noord-zuid op de campus moest in stand worden gehouden. Een oud parkeerterrein kon worden ingericht als ketenpark voor de bouwer. Het is allemaal gelukt mede omdat we uitvoerig hebben gecommuniceerd over de verbouwing. Ik denk dat we daardoor relatief weinig klachten hebben gekregen.”

Nieuw thuis
Hoewel hij zelf ook nog volop in de afronding zit van dit bouwproject, is De Bruijn – en zijn collega’s ook – al goed gewend aan het nieuwe gebouw. “Het voelt al als een nieuw thuis. Ik ervaar het als een prettige werkomgeving. Er is veel licht. En, veel openheid. Ik kan me heel goed voorstellen dat mensen hier positief geprikkeld worden om het beste uit zichzelf te halen. Je krijgt echt energie van het gebouw. Ik weet zeker dat we de komende 10 á 20 jaar weer volop vooruit kunnen met dit gebouw. Bovendien denk ik dat dit gebouw – net als de universiteitsbibliotheek – veel buitenlandse studenten zal aantrekken. In dat opzicht passen we prima in het karakter van Rotterdam. We tellen internationaal mee.”

Bron: Onderwijs & Bouw