Scholen gaan energie leveren

In de zomer van 2014 heb ik op basis van EPG-berekeningen van moBius Consult een top 15 energiezuinige scholen opgesteld. Het zijn scholen voor het primair- en voorgezet onderwijs, die op dat moment daadwerkelijk waren gebouwd. Het is een pluriform gezelschap waarvan de beste nu al energieneutraal zijn.

Gesprekken, een workshop, whitepaper en enkele deelstudies naar kosten en naar duurzaamheid hebben me dieper inzicht in de projecten gegeven. De analyse van de top 15 biedt boeiende conclusies:

  1. de nummer 1 is een multifunctionele accommodatie die per saldo energie levert;
  2. de nummers 2, 3 en 4 zijn (bijna) energieneutraal;
  3. succesfactor is de combinatie van ambitie, vakmanschap en samenwerking;
  4. de meerkosten van de projecten blijken mee te vallen en betaalbaar;
  5. het is de betrokken gelukt om energiezuinigheid te combineren met een goed binnenmilieu, flexibiliteit én een hoge toekomstwaarde;
  6. de nummers t/m 13 voldoen aan de sterk aangescherpte eis in het Bouwbesluit 2015;
  7. zonder zonnepanelen zijn de 15 vrijwel even energiezuinig

Praktijkmetingen

Natuurlijk ben ik reuze nieuwsgierig of deze op papier zo fraaie resultaten ook in de praktijk goed uitpakken. Is het energiegebruik werkelijk zo laag? Is de luchtkwaliteit echt goed, is het ’s winters lekker warm en ’s zomers koel in de scholen? En niet in de laatste plaats, zijn de gebruikers tevreden?

Acht van de scholen uit de Top 15 laat ik gedurende minimaal een jaar monitoren. Dit voorjaar zullen de eerste eindrapporten verschijnen. Ik kan alvast een tipje van de sluier oplichten. De eerste resultaten brengen veel leerpunten en schoonheidsfoutjes aan het licht. Betere oplevering en passend beheer zijn nodig. Maar gemiddeld zijn de resultaten zeer goed en is het de projecten gelukt een grote stap vooruit  te zetten naar een werkelijk frisse school.

Trias in praktijk

De analyse van de Top 15 leert ook dat alle projecten kiezen voor een sterke reductie van de energievraag door zeer goede isolatie, vaak drievoudig glas, sturing van de ventilatie op tijd of CO2 en regeling van de verlichting op daglicht en aanwezigheid. De systemen voor verwarming en koeling laten een grote diversiteit zien, ingegeven door de situatie, gebouwgrote en specifieke ideeën en wensen.

Door toevoeging van pv wordt energieneutraliteit of verder, een energieleverend gebouw bereikt. Daarvoor blijkt het gehele dakoppervlak nodig en worden de panelen vaak vlak, en daarmee oriëntatie onafhankelijk geplaatst. Vraag is wat te doen als het dak beschaduwd zou worden door andere gebouwen of bomen. En wat te doen als de school meer dan vier lagen heeft? Wellicht kunnen in deze overigens weinig voorkomende situaties, biobrandstoffen een oplossing bieden, zie de nummer 3 in de Top 15.

Wensen: betere verlichting en -ventilatoren

De analyse van de berekende deelverbruiken van de 15 scholen toont  dat verlichting veruit de grootste energiepost is, gevolgd door het energieverbruik van ventilatoren. De monitoring zal uitwijzen of dit in de praktijk werkelijk het geval is. Op dit moment leidt deze uitkomst tot aandacht voor de beloofde led-verlichting met een veel hogere opbrengst dan de huidige generatie. Waarbij een goede lichtkwaliteit aandachtspunt blijft. Bij de ventilatie komen ventilatoren met een veel hoger rendement in de picture, evenals een hernieuwde belangstelling voor hybride ventilatiesystemen: natuurlijk als het kan, mechanisch als het moet.

De scholen uit Top 15 bieden niet alleen schoolvoorbeelden voor zeer energiezuinige nieuwbouw, maar ook volop leerstof tot verdergaande ontwikkelingen. Met dank aan alle betrokkenen die hun nek hebben durven uitsteken.

Auteur: Hans Korbee, werkzaam als programma adviseur bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland aan energieprogramma’s voor innovatie en implementatie van de minsteries IenM, BZK en EZ.

Bron: Duurzaam Gebouwd