Studiereis Centrum Gezonde Scholen legt vinger op de wonde van hedendaagse scholenbouw

Op 30 en 31 mei namen bijna honderd Belgische en Nederlandse architecten en bedrijven deel aan de eerste studiereis van het Centrum voor Gezonde Scholen naar Berlijn. Op het programma stond onder meer een bezoek aan drie scholen die in hun ontwerp speciale aandacht hebben voor een optimaal binnenmilieu. Verder ging een panel van vier architecten tijdens een debat dieper in op een aantal pijnpunten waarmee architecten in schoolprojecten vandaag worden geconfronteerd.

Het Centrum voor Gezonde Scholen lanceerde in 2010 de Gezonde Scholen-studie om het binnenklimaat van schoolgebouwen in de Benelux in kaart te brengen. Deze studie laat schooldirecties en -gebruikers aan het woord over hun ervaringen met de leer- en leefkwaliteit in hun schoolgebouwen. In de praktijk blijkt dat het binnenmilieu van de ruim 15.000 schoolgebouwen verre van optimaal is. Licht, lucht, geluid, ergonomie, verwarming, koeling en kleurgebruik zijn factoren die in een schoolgebouw de gezondheid van de gebruikers sterk beïnvloeden. Net om die reden bracht het Centrum en haar partners voor het eerst bijna honderd architecten en bedrijven samen. De studiereis naar Berlijn zorgt op die manier dat de blik van de Belgische en Nederlandse architecten en bedrijven verruimd wordt naar het buitenland. Het Centrum hoopt op die manier dat een blik op projecten in het buitenland ook in de lage landen voor nieuwe interpretaties zal zorgen van wat een gezonde school moet zijn.

Schoolbezoeken

Op het programma stond de eerste dag een bezoek aan de Staatliche Ballettschule, een internationaal gerenommeerde balletschool voor leerlingen van 10 tot 16 jaar, van het Duitse architectenbureau gmp. Daar viel op hoe het architectenbureau in haar ontwerp de erg specifieke vereisten voor een balletschool had opgenomen. Zo bleek onder meer dat de ontwerpers bijna twee jaar hadden gezocht naar een ideale constructie van de vloer – uiteraard precair voor balletdansers – in de grote danszaal. Onder meer op vlak van verwarming, licht en ergonomische vereisten was gezocht naar een ideale oplossing.

Het Duitse architectenbureau gmp zocht twee jaar lang naar de ideale oplossing voor een dansvloer waarop de leerlingen zonder fysieke problemen tot zes uur per dag kunnen trainen.

Diezelfde instelling had ook Nalbach + Nallbach in hun ontwerp voor de Hochschule für Technik und Wirtschaft in de Duitse hoofdstad. Een goed deel van het oude industriële patrimonium van AEG, de Duitse producent van elektrische apparaten, werd daarbij gerenoveerd en opgewaardeerd tot een campus met onder meer auditoria, bibliotheken, werkruimtes en labo’s. Het architectenbureau wilde daarbij zo veel mogelijk het karakter van de originele gebouwen behouden, in combinatie met grote inspanningen om het gebouw aan de hedendaagse eisen op het vlak van akoestiek  te laten voldoen. Zo werden op de wanden van onder meer de auditoria en refters houten latten met tussenruimten geplaatst en werden plafonds voorzien van akoestische panelen om storend achtergrondgeluid te dempen.

 

 In deHochschule für Technik und Wirtschaft liet architect Gernot Nalbach van architectenbureau Nalbach + Nalbach (boven) zien hoe de installatie van akoestische panelen op het plafond en een houten binnenbekleding op de wanden het akoestisch gevoel in de auditoria en refters (onder) zo aangenaam mogelijk maakt.

Die aandacht voor akoestiek had ook de uitbreiding van de Havelland Grundschule, een interessant ontwerp voor een lagere school van augustin und frank architekten. De nieuwbouw is ingewerkt in een ruime, groene buitenomgeving voor de leerlingen en heeft veel aandacht voor licht en geluid. Het plafond in de refter is onder meer voorzien van knopen in schuim die voor een aangenaam omgevingsgeluid zorgen. De klaslokalen op de eerste verdieping profiteren bovendien van een sterke lichtinval.

 De lagere school van Havelland werd met veel aandacht voor akoestiek en lichtinval ontworpen door augustin und frank architekten;

Focus ten koste van het totaalplaatje

De uitgebreide schare aan meegereisde architecten was echter niet onverdeeld positief over de bezochte projecten. Een veelgehoorde kritiek was dat de mate waarin de verschillende projecten oog hadden voor een deelaspect als akoestiek vaak onmiddellijk werd gecounterd door het gebrek aan aandacht aan andere onderdelen als ventilatie of duurzaamheid van materiaalgebruik. Zo had de balletschool veel aandacht voor licht en de ergonomie van de leerlingen, terwijl het bezoek aantoonde dat de ventilatie in het gebouw niet met eenzelfde grondigheid was uitgewerkt als het akoestische verhaal. De Technische Hogeschool was op dezelfde manier goed toegerust met akoestische wand- en plafondbekleding maar boette in op een aangename ruimtebeleving. De lagere school die werd bezocht, zorgde dan weer voor een aangename akoestische ervaring, terwijl de lucht er zwaar om ademen was. Dat gebrek aan een allesomvattende aandacht voor de deelaspecten van een goed binnenklimaat was ook net het punt dat in het architectendebat tijdens de studiereis naar boven kwam.

Gebrek aan visie en minimale budgetten voor maximale eisen

Moderatoren Merel Pit, journaliste van het Nederlandse architectenblad de Architect, en Rik Neven, hoofdredacteur van architectura, vroegen de vier sprekers van het debat namelijk naar de verwezenlijkingen en tekortkomingen in de zoektocht die veel architectenbureaus vandaag afleggen naar de ideale school. Michael Van Leeuwen (Sluijmer en Van Leeuwen), Arie van Rangelrooij (Architecten-EN-EN), Paul Vandenbussche (TEEMA Architecten) en Leo Van Broeck (Bogdan & Van Broeck), elk op hun eigen manier bezig met schoolprojecten die naar een optimaal binnenklimaat streven, debatteerden over het complexe onderwerp en gingen met het publiek in gesprek over de pijnpunten in de hedendaagse scholenbouw. Onder meer op budgettair, wetenschappelijk, politiek, technisch en organisatorisch niveau blijven duidelijk onevenwichten bestaan die de realisatie van gezonde scholen bemoeilijken. Architectenbureaus zuchtten daarbij naar eigen zeggen het vaakst onder de discrepantie tussen minimale budgetten en maximale eisen en het ontbreken van een algemene visie vanuit de overheid.

En dat is meteen waar deze eerste reis van het Centrum voor Gezonde Scholen de essentie van het probleem raakt. Hoewel individuele schoolprojecten vandaag de idealen waarnaar wordt gestreefd enigszins benaderen, slagen betrokken architectenbureaus er nog te vaak slechts in om in te spelen op de problemen van gisteren. Het realiseren van gezonde scholen vereist daarentegen een visie die het mogelijk maakt om net te bouwen voor de toekomst.

Bron: Architectura.be

Programmabrochure ‘Scholen & Architectuur Berlijn 2013’